visser
Carolijn Visser
Biografische gegevens
Gepubliceerd werk
Prijzen
Contact met de auteur

Biografische gegevens
Carolijn Visser (Leiden 5 september 1956) woont tegenwoordig in Amsterdam. Toen ze een jaar oud was, verhuisde het gezin naar Middelburg, waar Vissers vader geschiedenisles gaf en haar moeder Engels. Als kind uit de randstad voelde Visser zich er altijd een beetje een buitenstaander, een gevoel dat volgens de schrijfster - samen met een erfelijk lijntje naar oma van vaderskant die reisjes naar Madrid en Wenen maakte - aan de basis ligt van haar reislust. Op haar vijftiende ging ze al in haar eentje op reis. Met de Stichting Internationale Werkkampen reisde ze naar Poznan in Polen om er in een dierentuin-in-aanbouw te gaan werken; de jaren erop bracht ze met dezelfde stichting de zomervakanties door in Hongarije en Turkije. De vakanties deden haar beseffen dat er eigenlijk niets moeilijks aan reizen was: 'Je kunt gewoon in de trein stappen en in een totaal andere wereld terechtkomen. Dat gevoel heeft me niet meer losgelaten' (interview in De Telegraaf, 15 maart 1996). Na het atheneum schreef Visser zich in aan de Universiteit van Amsterdam voor de studie pedagogiek, een keuze die haar was ingegeven door de resultaten van een psychologische test. Kort ervoor had ze echter het schrijven ontdekt: ze had haar wederwaardigheden tijdens een baantje in een chocoladefabriek op papier gezet en op goed geluk naar het NRC Handelsblad gestuurd. Het stuk werd geplaatst en de redactie vroeg zelfs om meer: of ze haar ervaringen als student niet eens wilde opschrijven. Visser schreef haar ergernissen op over de met Marxistische theorieën doordrenkte collegestof die in de jaren zeventig gewoon was. Dat betekende meteen het einde van haar studie: haar medestudenten namen haar haar publicatie niet in dank af. Wat overbleef was reizen en erover schrijven om geld te verdienen.
Haar ervaringen tijdens een volgende vakantie, een trektocht met een vriendin door de Verenigde Staten, werden het onderwerp voor nieuw werk voor de NRC. Ook nu nam ze het advies van de redactie ter harte en ze vertelde over de kleine dingen die ze tegenkwam, over de bloedbank bijvoorbeeld, waar zij en haar vriendin bloed afstonden om wat bij te verdienen of over de heilsoldaten bij wie ze logeerden.
Weer thuis maakte ze artikelen over onder andere een paar dagen op een binnenschip. En ook interviewde ze jongeren, niet alleen in Nederland, maar over de hele wereld. Enkele van deze artikelen werden gebundeld in Alle dagen vrij: jeugd in de jaren '70-'80. Interviews die ze, samen met Sasza Malko, hield met oud-Indischgasten over het leven in Nederlands-Indië tussen ongeveer 1920 en 1940 werden samengebracht in Herinneringen aan ons Indië, later herdrukt onder de titel 'En nog steeds hebben wij twee vaderlanden'. Op avontuur in Nederlands-Indië.
In deze artikelen komt meteen al Vissers voorkeur voor het dagelijkse leven naar voren, de brandhaarden van de wereld trekken haar niet. 'Ik ben nieuwsgierig naar hoe mensen het op een bepaalde plek redden. Hoe ze leven. Hoe ze het hoofd boven water houden. Daar schrijf ik over. Als de krant het wil hebben is het meegenomen' (interview in Het Parool , 26 september 1986). De trend zal zich in Vissers reisboeken voortzetten. Haar speciale belangstelling gaat uit naar communistische en postcommunistische samenlevingen als China, Vietnam, Nicaragua en Estland. Haar reisverhalen over deze landen, zoals Buigend bamboe, Hoge bomen in Hanoi, De kapers van Miskitia, Uit het moeras en Tibetaanse perziken, laten een onafhankelijk schrijfster zien die zich aangetrokken voelt tot mensen die zich onder barre omstandigheden staande weten te houden. Recentelijk verschenen Vroeger was de toekomst beter en in Een tuin de tropen, Carolijn Vissers fictiedebuut.

Terug naar boven
Gepubliceerd werk
-Grijs China (reisverhaal, 1982)
-Alle dagen vrij. Jeugd in de jaren ’70 – ’80 (non-fictie, 1984)
-Aan het einde van de regenboog (reisverhalen, 1986)
-Herinneringen aan ons Indië (non-fictie, 1988; in 2001 heruitgegeven als En nog steeds hebben wij twee vaderlanden)
-Verre reizen (reisverhalen, 1989)
-Buigend bamboe (reisverhaal, 1990)
-De koude heuvels van Mongolië (reisverhaal, 1991)
-Uit het moeras (reisverhaal, 1992)
-Hoge bomen in Hanoi (reisverhaal, 1993)
-Brandend zout (reisverhalen, 1994)
-Ver van hier. De mooiste reisverhalen (reisverhalen, 1996)
-Het goud van Bonanza (reisverhalen, 1996)
-De kapers van Miskitia (reisverhalen, 1997)
-De hele wereld (reisverhalen, 2003)
-Tibetaanse perziken (reisverhaal, 2003)
-Vroeger was de toekomst beter (reportages en verhalen, 2004)
-Een tuin in de tropen (novelle, 2005)
-Miss Concordia. Vrouwen in den vreemde (literaire non-fictie, 2006)
-Oom Brian. De pitbullwerper (reisverhalen, 2009)


Terug naar boven
Prijzen
-Zeeuwse Boekenprijs 2006 (voor Miss Concordia. Vrouwen in den vreemde)


Terug naar boven
Contact met de auteur

redactie@augustus.nl

Terug naar boven